Menu
Europa moet zijn troeven uitspelen
09 Juni 2017

Europa moet zijn troeven uitspelen

De visie van expert Marcel Frère
(interview verschenen in Trends, mei 2017)

“De globalisering kan je niet tegenhouden”, zegt managing director Marcel Frère van Allanta vzw. “Maar door bewust terug hier te produceren en te ontwikkelen, en gebruik te maken van de sterktes van Europa, kunnen we de concurrentie vanuit het Verre Oosten het hoofd bieden.

Op welke manier worden we bedreigd door de Oosterse economieën?

“De afgelopen tien jaar was er een stijgende tendens om de maakindustrie naar het Verre Oosten te verhuizen, en ik vrees dat Research & Development dezelfde richting uitgaat. De twee zaken houden verband met elkaar. Zonder maakindustrie is er geen aanleiding om aan ontwikkeling te doen. En zonder praktijktesten kan je moeilijker aan productontwikkeling doen.

Praktisch gezien houd je beide dus best hier, maar het is de vraag wie op dit vlak het voortouw neemt. Importheffingen en andere maatregelen van de overheid bleken geen oplossing en zelfs contraproductief vanwege de reactie van de getroffen landen. En subsidies hebben enkel een effect op korte termijn, maar vormen geen structurele oplossing.

40% van het overschot op de handelsbalans wordt veroorzaakt door de eigen industrie met zusterbedrijven in het Verre Oosten. Niet alleen wereldwijde multinationals, maar ook KMO’s hebben daar vaak een satelliet, en verhuizen hun productie en ontwikkeling puur om economische redenen naar het Oosten. We hebben dit dus deels zelf in de hand. De industrie moet hier initiatief in nemen, terwijl de overheid dit moet faciliteren.” 

Wat kan de industrie dan concreet doen? 

“We moeten de sterktes en zwaktes, kansen en bedreigingen aan beide kanten in overweging nemen. De Aziatische economische markt heeft de wind in de rug dankzij de lage prijzen van grondstoffen, lage loonkosten, de soepele toepassingen toepassingen van de regelgeving rond veiligheid, welzijn, gezondheid en milieu en een stevig stelsel van overheidssteun door de Chinese overheid, terwijl Aziatische bedrijven onze expertise in sneltempo kunnen overnemen.

Maar anderzijds worden overtredingen op vlak van veiligheid, milieu en zo meer ook daar steeds minder aanvaard, zodat de kaders voor de productie strikter zullen worden, en op dat vlak heeft Europa een voorsprong. Net als in duurzaamheid, het verantwoord gebruik en hergebruik van grondstoffen, cradle to cradle en het alternatief gebruik van producten in een circulaire economie.

Wij zijn ook sterk in ontwikkelingspotentieel en innovatiekracht van onderzoeksinstellingen, spin-offs, universiteiten en KMO’s. En, wat je in het Oosten nauwelijks ziet, is een van onze grote sterktes: de samenwerkingsverbanden voor nieuwe vormen van industrieel ondernemen, zoals co-creatie en co-ownership.”

Hoe wordt dit dan gestimuleerd? 

“Die sterktes zou de overheid – en ook sectorfederatie Agoria – meer moeten bekrachtigen en ondersteunen, en ook naar buiten brengen in hun marketing.

Europa moet zijn status verder verstevigen, op vlak van duurzaamheid, stabiliteit, integriteit en betrouwbaarheid, waar men in het Oosten vaak zwak op scoort. Hier kunnen we ook meer werken op maat, flexibeler, bijvoorbeeld in de auto-industrie waar meer klantspecifiek kan worden gewerkt.

En door mogelijke verbeteringen consequent door te voeren kunnen we nog slimmer produceren en de waste uit het productieproces halen. Dat leidt tot minder verspilling van grondstoffen, beter afgestemde voorraden op de behoeften en het vermijden van tussentijdse buffers en onnodige verplaatsingen en transport, en uiteindelijk tot een grote kostenbesparing. De kortst mogelijke weg van het product naar de klant maakt uiteindelijk beide partijen tevreden.”



VERWANTE BERICHTEN